header

Oefenen in het werk van Gods Geest

Voor Sander en Nienke Ris is de vervulling met de Geest geen eenmalige gebeurtenis, maar een steeds terugkerende ervaring die hoort bij het leven van elke christen. In de belijdeniscatechese besteden ze er dan ook ruime aandacht aan.

De belijdeniscatechese doen Sander en Nienke samen. Elke twee weken komt de kring van zo’n vijftien twintigers en dertigers bij hun thuis samen – toewerkend naar die zondagmorgen in het voorjaar dat deze jongvolwassenen openlijk belijden dat ze voor God willen gaan. “We beginnen in het najaar,” vertelt Sander. “We beginnen laagdrempelig, waarbij de Bijbelverhalen over de heilige Geest en gewone mensen centraal staan. In de kerken die wij dienen wordt het werk van de Geest vaak als zweverig ervaren, of zelfs een beetje eng. Eerst puinruimen dus.”

“Dan komen opmerkingen voorbij als ‘daar ben ik te nuchter voor’, of ‘dat is evangelisch, dus dat is niks voor mij’,” vult Nienke aan. “Maar ook teleurstellingen en kritiek. Daar gaan we eerlijk en open op in.”

“Nienke is een motor in dit gesprek,” zegt Sander. “Zij stelt persoonlijke vragen die de sfeer een beetje openbreken. We doen deze belijdeniskringen nu zes jaar en we hebben nog niet meegemaakt dat de geslotenheid blijft. Er gaan altijd luikjes open. Iemand vertelt over een ervaring uit haar jeugd waarin God voelbaar dichtbij was. Een ander hoort zichzelf in zijn hoofd in een taal bidden die hij zelf niet kent. ‘Durf je dat hardop te doen?’ vraag ik dan. ‘In de Bijbel noemen ze het in klanktaal bidden.’ Iemand krijgt beelden op zijn netvlies die misschien met God te maken hebben. Een ander moet steeds denken aan een specifieke Bijbeltekst voor iemand in de kring. Je proeft de onzekerheid: ‘Beeld ik het mezelf in? Mag dit wel?’”

Beoefenen

“Ergens in januari komt het groepsproces in een versnelling. Voorzichtig begin ik te experimenteren met de gaven van de Geest. ‘Komende twee weken ga ik voor jouw situatie luisteren naar Gods stem,’ zeg ik dan bijvoorbeeld. Tijdens de kringavonden pluizen we 1 Korinthe 12 – 14 uit. ‘Hoe zou de kerk eruit zien als hier ruimte voor komt?’”

“De laatste avonden breken aan. Nu gaan we het doen. Alles waar we maandenlang over gesproken, getwijfeld en gediscussieerd hebben. We bidden voor elkaar. Eén voor één. ‘Wie durft er eerst? Mooi, dan gaan we als kring voor jou bidden.’ We worden stil. Samen luisteren we naar God. Als iemand iets meemaakt van Gods stem voor degene in het midden, wordt het opgeschreven. Sommigen staan op en gaan ergens anders in de woonkamer zitten, staan of knielen. Even focus.”

“Dan de stilte. Jaren later hebben ze het nog steeds over die stilte. De eerste keer is het onwennig. De volgende avond zitten de meesten tijdens de stilte met pen en papier op schoot. Er wordt geschreven en getekend. Weer luisteren naar God. Heb je iets van God begrepen? Zoek verder naar de leiding van de heilige Geest. Vraag nog eens door aan God. Leer om te gaan met de gaven van de Geest die wij nog niet goed kennen: woorden van kennis, profetie, onderscheiding, in klanktaal bidden. Durf maar. Hier mogen we fouten maken, je bent hier in de kerk. Hier werkt de Geest in iedereen tot opbouw van de kerk en de wereld. Daar mag je je in oefenen.”

Samen leerling

Op de laatste groepsavond legt Sander één voor één de handen op. “Samen bidden we om vervulling met de Geest, voor het eerst of opnieuw. We delen wat we daarbij ervaren. Warmte. Rust. Kracht. Iemand zegt: ‘Er ging elektriciteit door me heen.’ Soms ziet iemand een helder beeld van God die zijn hand uitstrekt: ‘Ga je met Mij mee?’”

“Ondertussen wordt er dan volop geoefend,” vertelt Nienke. “Er wordt getwijfeld, gestotterd, verontschuldigd. Voor iedereen zijn er rake woorden, beelden, liederen, Bijbelteksten. ‘Ik moest voor jou hier aan denken, kan je er wat mee?’ ‘Maar… je hebt het over mij! Hoe wéét jij dat?’ ‘Is dít de heilige Geest?’ ‘Er is nog nooit zo voor mij gebeden!’ ‘Waarom leer ik dit nu pas?!’ Ze durven zelfs Sander de handen op te leggen en over hem te profeteren. Wij worden weer leerling. Samen met hen.”

Bekrachtigd

“Meestal blijven ze in kleine groepjes nog jaren bij elkaar komen om de lessen en ervaringen vast te houden,” besluit Sander. “Als ik ze jaren later vraag wat het ze gebracht heeft, hoor je dingen als: ‘Ik heb mijn rol in de kerk gevonden’, ‘Wanneer ik bid richt ik mij op wat God doet, niet wat ik heb gedaan’, ‘Die ervaring zal ik nóóit vergeten. Voor het eerst durfde ik door te geven wat de heilige Geest mij geeft’, of ‘Ik heb leren bidden voor genezing’. Geweldig.”

Sander Ris is predikant van de Ontmoetingskerk (PKN) in Rijssen, en regioleider van New Wine.

Bart Visser